Stedelijk Museum Amsterdam

Journal
Blikopeners 24 november, 2016

ARTOBER 2016

Last van een creatieve blokkade? De Blikopeners lossen het op!

Femke Pijls, Joy Rikkers en Robin Vermeulen

_stedelijk_2016-09-30_oktoberfest_tomek-dersu-aaron_015

Oktober werd dit jaar voor de tweede keer door de Blikopeners van het Stedelijk getransformeerd tot ARTOBER. De Blikopeners zijn jongeren tussen 15 en 19 jaar oud die voor het museum werken. Ze geven rondleidingen, workshops en organiseren evenementen. Tijdens ARTOBER werden jongeren uit Nederland én daarbuiten uitgedaagd om vier weken lang zelf kunst te maken in vier online workshops. En dat alles om de druilerige herfst een stuk leuker te maken!

Veel programmering van Blikopeners is specifiek gericht op Amsterdam omdat het zich in het museum afspeelt, maar de animo voor het project reikt veel verder dan de hoofdstad. ARTOBER maakt het ook mogelijk voor jongeren buiten Amsterdam om actief deel te nemen aan de programmering en daarbij samen te werken met kunstenaars en andere jongeren. Dit jaar deden er deelnemers mee uit Almere, Utrecht, Rotterdam, Groningen, Middelburg, Eindhoven en Den Haag en internationale deelnemers uit de Verenigde Staten, Engeland, Vietnam, Griekenland en Portugal.

Omdat jongeren van nu zijn opgegroeid met smartphones en social media is er voor hen geen verschil meer tussen de online en offline wereld. Maar er gaat niets boven persoonlijk contact en ‘offline’ ervaringen opdoen. Daarom is de workshop zo ingestoken dat er naast online opdrachten die openbaar zijn voor een groot publiek ook evenementen in het museum zijn georganiseerd. Tijdens deze avonden in het museum leerden de deelnemers de collectie van het Stedelijk, elkaar en de Blikopeners kennen.

ARTOBER is een soort stoomcursus voor toelating op de kunstacademie, omdat de deelnemers tijdens de workshop tips en feedback ontvangen van kunstenaars en kunstacademiedocenten. De inzendingen voor de online workshop zijn ook meteen een uitbreiding voor je portfolio. Een van de deelnemers:

“ARTOBER heeft mij geholpen om een beter zelfbeeld te ontwikkelen en zo mijn keuze voor mijn toekomstige studie makkelijker te maken.”

VAN LICHTSCULPTUUR TOT VUILNISZAK

Op vrijdagavond 30 september vond de ARTOBER kick-off plaats in het museum. Tijdens de kick-off lieten de deelnemers zich inspireren door de Stedelijk collectie in Blikopener speedtours, bekeken ze de eerste opdrachtvideo en gingen daar meteen mee aan de slag. Aan het einde van de avond ging elke deelnemer naar huis met een goodiebag met daarin alle basismaterialen om de opdrachten van ARTOBER uit te voeren. De buitenlandse deelnemers volgden de evenementen in het museum via een livestream op Facebook.

Tijdens ARTOBER werd iedere vrijdag een opdrachtvideo van één van de vijf deelnemende kunstenaars online gepost: Brian Elstak, Pieke Bergmans, Jan Hoek en Lernert & Sander. Elke kunstenaar presenteerde een opdracht vanuit hun eigen kunstpraktijk. Zo vroeg illustrator Brian Elstak de deelnemers om een GIF animatie te maken naar aanleiding van een onderwerp uit de actualiteit en maakten de deelnemers in de opdracht van designer Pieke Bergmans een driedimensionaal lichtobject van een vel karton (afbeelding 1).

 

Afbeelding 1 – Inzending van deelnemer Beate Bos bij de opdracht ‘Luminous Forms’ van Pieke Bergmans.

Afbeelding 1 – Inzending van deelnemer Beate Bos bij de opdracht ‘Luminous Forms’ van Pieke Bergmans.

Na het posten van de opdrachtvideo op vrijdag, werd er iedere zaterdag een video met een tip van de kunstenaars online geplaatst. Hierin gaven zij extra informatie over hoe de deelnemers de opdracht op een originele manier konden uitvoeren, bijvoorbeeld door ze buiten hun comfortzone te laten stappen. De kunstenaars gaven de deelnemers iedere woensdag persoonlijke feedback op hun gemaakte werk in een besloten Facebookgroep. Dit deden ze in de vorm van korte filmpjes en berichtjes met tips en opbouwende kritiek. Ook de kunstacademiedocenten gaven feedback. De Blikopeners namen een peer-to-peer rol aan binnen de groep, zij beantwoordden vragen van deelnemers, hielden de dialoog op gang en waren het aanspreekpunt van het Stedelijk. Op deze manier ontstond er een online learning community van ARTOBER deelnemers, kunstenaars, kunstacademiedocenten en Blikopeners. Naast Facebook gaven de Blikopeners reacties via Snapchat zodat zij hun tips direct konden delen vanuit de museumzalen. De opbouw van de workshop komt overeen met de Community of Practice theorie van Lave & Wenger. Een Community of Practice is ‘een groep die gevormd is op basis van gedeelde belangen, interesses en competenties, waarin deelnemers door praktijkervaring een collectief repertoire ontwikkelen door gemeenschappelijke activiteiten, het delen van informatie en leren van elkaar’ (Cultuurnetwerk, 2011, p. 35).

Blikopeners zorgden voor meer achtergrondinformatie  bij iedere opdrachtvideo in de vorm van zelf geschreven content en bestaande video’s en interviews. En als de deelnemers even vast bij het maken van een opdracht konden ze zich laten inspireren door de veelheid van afbeeldingen op de social media kanalen van Blikopeners.

Een van de deelnemers:

“Ik ben echt heel erg anders naar kunst gaan kijken, meer gaan nadenken wat nu precies kunst is en wanneer, en ja ‘t was gewoon een hele leuke workshop, heb met plezier aan alle opdrachten gewerkt!”.

ONLINE ÉN OFFLINE

ARTOBER werd afgesloten met een knaller: ARTOBERFEST. Op vrijdagavond 28 oktober kwamen de deelnemers, vrienden, familie en andere jonge kunstenthousiasten en makers samen in de kelderzalen van het museum. Vanuit heel Nederland werden de ARTOBER kunstwerken naar het Stedelijk gebracht, het ARTOBERFEST was voor de deelnemers namelijk een unieke kans om voor één avond hun gemaakte werk in het museum te laten zien (afbeelding 2). Het werk van de buitenlandse deelnemers werd via grote digitale projecties op de wanden van de museumzaal getoond.

 

img_1135

Afbeelding 2 – Expositie van inzendingen tijdens het ARTOBERFEST.

Ook kregen de deelnemers tijdens deze avond aanvullende feedback op het gemaakte werk van de kunstenaars en kunstacademiedocenten. Verder konden zij hen het hemd van het lijf vragen over het kunstenaarschap en wat je in je mars moet hebben om toegelaten te worden op de kunstacademie. En zoals de naam ARTOBERFEST al een beetje verklapt: het was ook een feestje. Rapper Sef trad op, Brian Elstak gaf een workshop (afbeelding 3), bezoekers likten het glazuur van hun vingers door de heerlijke donuts en konden met hun kunstwerk op de foto in de ‘Trash or Treasure’ fotostudio van Lernert & Sander. Kunst en feest stonden de hele avond centraal, de deelnemers toonden trots hun werk aan elkaar en aan het Stedelijk publiek. Een van de deelnemers:

“Het ARTOBERFEST was het leukst, ik kreeg veel feedback en ik heb in het Stedelijk gehangen!”.

Wij kunnen niet wachten tot de eerstvolgende oktobermaand. Op naar de komende editie, met frisse nieuwe deelnemers en kunstenaars!

 

Afbeelding 2 – Expositie van inzendingen tijdens het ARTOBERFEST.

Afbeelding 3 – De workshop van Brian Elstak.

Referenties:

Cultuurnetwerk. (2011) Informeel leren in de kunsten: theorie en praktijken. [Online] Via: http://www.cultuurnetwerk.nl/producten_en_diensten/publicaties/pdf/cpluse30.pdf. [Geraadpleegd: 24 november 2016]

0001-2

Tags

Future SMBA 21 juni, 2016

Openingsspeech Beatrix Ruf – SMBA & Beyond: Public Kick-Off

foto Ernst van DeursenWelcome, everyone, to the Stedelijk Museum. Today is an important day, because today we kick-off the research needed for the repositioning of SMBA, the Stedelijk’s satellite research institute. Although I understand Dutch, I would like to proceed in English, because this is a topic I’d like to go over carefully.  Following our discussion, feel free to speak in either Dutch or English.

I do still not know or have seen everything – as you can imagine – it has been intense inside and outside the Stedelijk in the last year: but I am very exited to be here and exited about the cultural landscape of this city and country.
Amsterdam impresses by the richness of its own cultural complexity and diversity, and the many institutions bringing artists and curators to town at the edge of their beginnings,
I am thinking of Rijksacademie, deAteliers, Sandberg, de Appel and spaces like W139, Pakt, FramerFramed, Kunstverein and many more – many having survived or are surviving shaky times and having adopted to new conditions of the cultural landscape and the “post welfare” conditions we are all working in.

With the research on a new and continued SMBA we want to concentrate and only briefly pause in physical presence of this institution, as beginning of next year we want to start a new space, we want to take SMBA forward as a new format, in the center of our thinking.

We want SMBA to continue its relevance into the future and to be a central voice of today.
Together we want to have everybody here and abroad to be able to experience and get to know this international cultural voices of Amsterdam.

We want to learn from dialogues and add multiple voices to our research
We want to learn more about how to be local in the changed conditions we are living and working in, how we are and want to be global, and what kind of institutional model we want to offer as an additional place to Amsterdam.

We also want to find out how can we be a place, which is open, flexibel and fit to continuously adopt to change in the arts and in society. We want to be used and needed as a public space. We really want to move and change in dialogue.

23 years ago, Museum Fodor voor Amsterdamse Kunst suddenly lost its funding from the city of Amsterdam. After protests from artists, the SMBA arose from a small amount reserved for that function.

(I’ve been told some fighting went on during the discussions about the closing of Fodor. Hopefully we manage today to have rather constructive fights of words….the great thing so is – if that happens – it shows that public institutions like these are emotional places, in the heart of many people… So, yes, we hope for real engagment.)

In the last 23 years, the SMBA has had many identities. It was successively led by Leontine Coelewij and Martijn van Nieuwenhuyzen, and in recent years curated by Jelle Bouwhuis.

From a platform for young Amsterdam-based makers and artists, a production house and a breeding ground for local and increasingly international collaborations, it grew into a research center around Global Collaborations.

The Stedelijk was continuously nourished and inspired by the knowledge and networks resulting from SMBA, which were brought into the museum in various ways.
By including artworks from SMBA projects in its collection, or by including then young and relatively unknown artists in the Stedelijk’s exhibition programming. To mention a few of them: Rineke Dijkstra, Aernout Mik, Michael Tedja, Willem de Rooij, and Tino Sehgal. we recently also acquired video works by Tromarama and an installation by Amol Petil.

The relations between SMBA and the Stedelijk Museum were always charged with emotions, SMBA was kind of a self injected and assigned critisism: as a successor to Museum Fodor, as an inquisitive and critical satellite, as a pathfinder for experimental and new policymaking. The changing of ambitions or the relocation of a place mark endings, but always a new beginning as well.

When I started out here, I saw the great accomplishments of this place. In my previous job I closely followed SMBA’s exhibition programming and worked with several artists who have exhibited at SMBA, such as De Rijke/De Rooij. But I also noticed the more vulnerable aspects of this satellite. From the beginning, its financial and organizational frameworks have been less than perfect.
Lack of money has always been an issue. And when SMBA disappeared from the Kunstenplan in 2013, the Stedelijk became financially responsible and SMBA’s budget grew even tighter.
This was around the time of the museum’s re-opening, and the time of the massive budget cuts in the cultural sector. It is thanks to funds such as Ammodo, the Mondriaan Fund and others that systematically support SMBA that the place could even stay open after 2013…

End of last year we made the choice to seriously invest in the satellite institution, and to seek a repositioning of SMBA. It’s become clear to me that things must be arranged better and more sustainably. That is why, together with Ammodo, we’ve decided to investigate how the continuity of SMBA can be safeguarded and how its effects on this city can be still further expanded.

To briefly return to SMBA’s impact on the Stedelijk’s recent policy choices: the Global Collaborations program and Project 1975, both supported by Ammodo, are a key inspiration for the Stedelijk Museum’s course in the coming years. For example, in 2014 Global Collaborations resulted in a three-day conference and a strong awareness that this way of thinking must become anchored within our walls and our minds. Our programming for 2017 around the theme of migration in all its facets is a first result of this.
A clearly focused acquisition policy, thorough research led by Jelle Bouwhuis, and a collaboration with The Silent University are several other early results of this process.

We are acutely aware of the local situation, which often makes things difficult for Amsterdam-based artists. We’re not blind to the shortage of studio space, presentation locations and development centers. We have frequently urged the city government to ensure a long-term investment in the cultural urban infrastructure with regard to locations, controlled rent and the allocation of spaces.

We certainly feel a responsibility in this, but the Stedelijk Museum’s primary assignment is a different one.
Our task is to signal new developments in the field of art, we want to question rather then to confirm.
Our task is also to bring the world beyond our city into it, and to adequately present it.
We engage in and are alert of existing concerns – those that also surfaced in the advice report by the Amsterdam Kunstraad / art council – about differences, relationships and responsibilities between the Stedelijk Museum and smaller presentation spaces in Amsterdam. We want to open a new chapter for the SMBA, and the new institution should play a key part in the closing of gaps and the activation of collaborations.

Today we invited you for a public round to bring your voices and knowledge to our research.

We also invited three curators from diverse contexts, all of them with specific experience in setting up new institutional models in a local context.
We consider them exceptional and are very happy they agreed to work with us.

We are looking a lot forward for them to be thinking with us and the city of Amsterdam to bring extended knowledge to what is found here.

Together with our chief curator Bart van der Heide, with curator Martijn van Nieuwenhuyzen and Milou van Vlijmen of Ammodo they will team up in a working group, which will be also continuously open to your input.

Our three foreign experts are: Sophie Goltz, Eungie Joo, Emily Pethik.

Sophie Goltz, (DE) was initiator of the Stadtkuratorin in Hamburg, where since 2013 she has headed a program for public art that reflects global and social issues. She also works as curator for Neuer Berliner Kunstverein (since 2008), lectures at the Hochschule für Bildende Künste Hamburg, and writes for journals such as Texte zur Kunst and Springerin. Her previous roles include freelance curator and “art educator” for Documenta 11 (2002), the 3rd Berlin Biennale (2004), Projekt Migration, Cologne (2004–06), and Documenta 12 (2007).

Eungie Joo, joins us from the US, but more so from Korea where she is artistic director of the 5th An-yang Public Art Project to be inaugurated in October this year.
Eungie was curator of the 12th Sharjah Biennial (2015), Director of Art and Cultural Programs at Instituto Inhotim Brazil (2012-2014), and Keith Haring Director and Curator of Education and Public Programs at the New Museum, New York (2007-2012), where she installed the Museum as Hub project. At the New Museum, Joo published Rethinking Contemporary Art and Multicultural Education (Routledge and New Museum, 2009) and the Art Spaces Directory (ArtAsiaPacific and New Museum, 2012)
Eungie also curated The Ungovernables, 2012, presented „Condensation“ by Haegue Yang at the Korean Pavilion (2009) and was founding Director of REDCAT, Los Angeles (2003–2007).

Emily Pethick (UK) is director of The Showroom, London, which she relocated as well physically and mentally in the London landscape. Between 2003 and 2004, she was curator of Cubitt, London. She has contributed to numerous catalogs and journals, including Frieze, dot dot dot, GAS, Texte zur Kunst, Artforum, and Untitled, and has published a number of books.
Emily knows the Dutch landscape from inside, as from 2005–2008 she was director of Casco, Office for Art Design and Theory, in Utrecht – and is devising the curatorial program Curating Positions in 2016-2017 for the Dutch Art Institut (DAI).

Sophie, Eungie and Emily’s assignment is to make the rounds, to listen closely, to work closely with us and to present recommendations, based on their expertise, for an institution that will truly hold a position of its own within the ecosystem of Amsterdam art institutions.

Help them and us to get to know more, about what to focus on.
The agenda set today, with your input, will function as one of the starting points of the research group’s activities.

Please take the opportunity, contribute and help us in the development of a new institution, a place that gives expression to Amsterdam’s art production in all its shapes and forms.

We know that this decision aroused many emotions, but I would like to highlight again that we want to take a next step and focus on the future. We don’t want to stay for too long with these negative sentiments but we want to see this as a positive starting point.

It’s a good thing that these emotions are so prominent, right now. It shows that everyone is feeling very much involved.

I have heard many new things that can help us developing the research, thank you for that.

Listen to the debate on Soundcloud

Tags

nieuws 9 november, 2015

De dit die this is

Het Stedelijk Museum nodigt regelmatig gastbloggers uit om te schrijven over tentoonstellingen en nieuwe projecten in het museum. Laure van den Hout (1986) schrijft over kunst voor diverse media en musea. Tevens is zij als museumdocent verbonden aan het Dordrechts Museum en Museum Boijmans Van Beuningen. Van den Hout schrijft op eigen initiatief maandelijks een beschouwing over A Year at the Stedelijk: Tino Sehgal. Deze worden onder de noemer Twaalf keer Sehgal gepubliceerd op het online kunstmagazine 8weekly. In De dit die this is onderzoekt ze haar fascinatie voor ‘this’ in Sehgals titels.

In de grote zaal, die zich op de bovenverdieping van het Stedelijk tegenover de monumentale trap bevindt, gooien een jongetje van een jaar of vijf en een volwassen man – door het jongetje ‘pap’ genoemd – twee papieren vliegtuigjes heen en weer. Ze zijn gevouwen van Stedelijk hand-outs. “Tegelijk gooien, dan kunnen we beter vangen,” roept het jongetje zijn vader toe. Bezoekers lopen in en uit; ze maken een diagonaal door de zaal naar de enige andere opengestelde doorgang. De meesten keren terug en verlaten de zaal daar waar ze haar binnenkwamen. De andere doorgang leidt namelijk naar een trap die de bezoeker naar beneden brengt, de ‘badkuip’ in. Wie voor het afdalen een blik naar links werpt, ziet hoe lege zalen zich achter een spanband uitstrekken.

Read More »

Tags

Tentoonstellingen 29 september, 2015

”This Agreement”: Performance and the Contract Form

GenericService (2)[originally published in full in Metropolis M, 2015 no. 3]

‘Classical contract theory, is I would insist a social cosmology that is deeply performative—that is to say: it is oriented to installing the future it imagines.’
Angela Mitropoulos, Contract and Contagion: From Biopolitics to Oikonomia, 2012.

‘… He had accused her of moping around to the point where it was slowing down her performance. He received a magazine called Business Bits free in the mail, and evidently he’d been reading it.
“Oh, my performance,” said Louise, “you must excuse my performance”.’
Tom Drury, ‘Accident at the Sugarbeet’, The New Yorker, February 1992.

Tino Seghal’s performance piece This is Exchange (2006) holds an allegorical place within the Stedelijk Museum Amsterdam on a busy Monday morning. It takes place within a room on the second floor—also occupied by Sol le Witt’s WALL DRAWING #1804 (2013).

Read More »

nieuws 21 september, 2015

Gevonden: de eerste Nederlandse leerlinge van Matisse

Begin twintigste eeuw organiseert Matisse een muziekavond in zijn atelier. Zijn leerling Max Weber schrijft daar in 1951 over: ‘Mademoiselle Deward, een jonge Nederlandse pianiste en deelneemster aan de (schilder)klas (van Matisse), speelde verschillende pianoselecties’. Dit was lange tijd de enige aanwijzing dat Matisse in de vroege twintigste eeuw een Nederlandse leerlinge had. Maurice Rummens, wetenschappelijk medewerker bij het Stedelijk Museum en medesamensteller van De oase van Matisse, onthult haar kleurrijke identiteit.

Read More »

Tags

Blikopeners 27 augustus, 2015

Blog door Blikopener Malika: Cathedra (Barnett Newman)

Het overheersend ultramarijn-blauwe vlak in het schilderwerk Cathedra oftewel ‘troon’ van de abstract expressionistische kunstenaar Barnett Newman, maakt veel indruk op onze bezoekers. Ook ik ben één van de toeschouwers die ooit op haar gemak kennis maakte met de kunst die het Stedelijk Museum op dat moment te bieden had. Tot ik zaal 1.6 binnen liep, de zaal waar het blauwe meesterwerk hangt. Ik werd overdonderd door het uitgebalanceerde en toch knallende werk van Newman.

Read More »

Tags

Tentoonstellingen 27 augustus, 2015

Sehgal en het betreden van de leefwereld

Het Stedelijk Museum nodigt regelmatig gastbloggers uit om hun ervaringen en gedachten over een bepaald onderwerp, werk of tentoonstelling te delen. Aernoud Bourdrez is advocaat voor de kunstwereld en verzamelaar van hedendaagse kunst. Hij vertelt over het onderscheid tussen de ‘systeemwereld’ en ‘leefwereld’ dat, volgens hem, terug te vinden is in de werken van Tino Sehgal.

Niets zo comfortabel als een helder systeem. Denk aan ons rechtssysteem. We kennen de wet en weten waar we aan toe zijn. Binnen dit systeem is een belangrijke rol weggelegd voor de notaris. Hij legt de afspraken schriftelijk vast. Dit alles biedt de rechtszekerheid.

En toen was er Tino Sehgal. Van de verkoop van zijn werk aan het Stedelijk Museum mocht niets op schrift worden gesteld.

Read More »

buiten de deur Gebouw verslag 27 augustus, 2015

Spatialities: graven in het verleden van het Stedelijk

In deze gastblog presenteren studenten van de Technische Universiteit in Eindhoven het onderzoek dat ze in samenwerking met het Joods Historisch Museum Amsterdam hebben gedaan naar het leven van couturier Max Heijmans. De nadruk binnen het onderzoek lag op het ruimtelijke aspect van zijn biografie: de architectuur. Zij analyseerden hiervoor een serie gebouwen en de invloed die deze hebben gehad op de levensloop van de ontwerper. Op basis van plattegronden, ruimtelijke modellen, maquettes, essays en analyses hebben zij een ‘ruimtelijke’ biografie van Heijmans geconstrueerd. 

Read More »

Tags