JAMES RICHARDS
Dorine de BruijneIn het kader van de serie stedelijk | film nodigt het Public Program elke laatste donderdag van de maand een filmmaker uit. Op 25 april 2013 ontvingen wij de Britse filmmaker James Richards (Cardiff, 1983). In 2012 won hij de Britse Jarman Award, een prestigieuze prijs op het gebied van videokunst en komend jaar is hij een van de kunstenaars die als artist-in-residence deelneemt aan het Berliner Künstlerprogramm van het DAAD in Berlijn. Kortom, een veelbelovend talent wiens werk en visie wij graag wilden presenteren bij het Stedelijk. Curator en schrijfster Isla Leaver-Yap interviewde hem op deze avond.
James Richards stelde een programma samen waarbinnen hij drie eigen werken vertoonde: Not Blacking Out, Just Turning The Lights Off (2012), The Misty Suite (2009), en Rose Bud(2013) en daarnaast de films Glass Puzzle (1973) van Joan Jonas en Seizure (1980) van Pat Hearn en Shelley Lake. De vijf films laat hij, na een korte introductie, zonder onderbrekingen zien.
Het programma begint met Glass Puzzle. Dit werk is een dubbele zwart-wit opname van een performance die wordt uitgevoerd door Lois Lane en Joan Jonas zelf. De ene camera filmt de performance en zendt deze direct uit op een televisie. De andere camera filmt het televisiescherm. In de reflectie van het televisieglas is de ruimte waar de twee kunstenaressen zich bevinden nogmaals zichtbaar. In deze ruimte, het atelier van Jonas, worden allerlei handelingen en choreografieën uitgevoerd die ook op het scherm te zien zijn. Het is dus, zoals Isla Leaver-Yap in haar artikel Performing the image: Joan Jonas’ Glass Puzzle zegt: ‘a video of a video’. Het werk doet haar, door de dubbele laag, denken aan complexe composities in de schilderkunst zoals bijvoorbeeld Bar at Folies-Bergère van Edouard Manet. Waar Manet dit effect bereikt met verf, doet Joan Jonas dit bijna honderd jaar later met een camera.
Na Glass Puzzle start Richards’ film Not Blacking Out, Just Turning The Lights Off. De manier waarop Joan Jonas speelt met de mogelijkheden van haar analoge videocamera, doet denken aan hoe James Richards dit doet met modernere apparatuur. We zien een man in een stoel en een man in een meer gefilmd met een home-video camera, afgewisseld met rennende elanden gefilmd met een camera met nachtzicht en een loop van een steeds opnieuw vallende sigaret. Dit werk is een collage of, zoals Chris Newlove Horton het in The White Review omschrijft, een karakteristieke medley van found-footage en zelf geschoten beelden. Het woord ‘medley’ is in dit geval goed gekozen. Meestal wordt het geassocieerd met een opeenvolging van korte stukjes muziek. Dat is in dit geval niet anders; het geluid is minstens zo belangrijk als de beelden. Bijvoorbeeld het gedicht Slowly: a plainsong from an older woman to a younger woman van Judy Grahn dat gaat over ouderdom is bijvoorbeeld de toepasselijke en ritmische soundtrack bij close-ups van röntgenfoto’s. In een antwoord op een vraag uit het publiek legt James uit dat hij beeld niet belangrijker vindt dan geluid maar dat de twee elementen parallel naast elkaar ontstaan tijdens het maken van een film.
Ook de laatste film die James Richards vertoont, Rosebud, die deze avond voor het eerst werd vertoond, is een dergelijke compilatie van beelden. Het is niet altijd even duidelijk welke beelden hij zelf gefilmd heeft en welke beelden hij gevonden heeft. Wel is er een duidelijk verschil tussen de digitale beelden, bijvoorbeeld van webcams en screensavers, en beelden die met een handcamera gefilmd zijn.James Richards is een videokunstenaar die zijn camera gebruikt als een verlengstuk van zijn arm, zoals hij in zijn eigen woorden omschrijft. Bij wijze van dagboek, legt hij momenten uit het alledaagse leven vast en creëert hij een archief dat steeds groter wordt. De momenten hoeven niet bijzonder te zijn, zoals wanneer hij een drukke straat in Londen filmt of zijn camera op een speelse manier in en uit het water van een stromende beek beweegt. Het gaat, licht hij later tijdens het vraaggesprek toe, James Richards om een bepaalde manier van kijken en bekeken worden die juist in die ‘casual moments’ goed te vangen is. Met zijn collages van videobeelden onderzoekt hij dit grijze gebied tussen subject en object. Wij hebben mee mogen kijken door de ogen van James Richards en zagen zijn speelse zoektocht naar de mogelijkheden van de camera.





















