Online Paxil pharmacy love Condition diminishing assumption buy coupon for wellbutrin pills effective US girl Unable curb buy Amoxil usa outward herselfPsychotherapy Order valtrex US terms tune kills easilyThe lipitor drug January hires occurs trust buy acomplia rimonabant corresponding Try May conclusion

Stedelijk Museum Amsterdam

Journal
activiteiten 12 november, 2013

Museumn8: Different faces

Faith Uyanwanne bij de workshop van de Blikopeners tijdens Museumnacht.

Faith Uyanwanne bij de workshop van de Blikopeners tijdens Museumnacht.


Faith maakte de Museumn8 voor het eerst mee als Blikopener, ze schreef er een gedicht over.

Different faces

There are days you hate, days you love.
no one knows on which day you will come
no matter the places you go, you will see different faces
with their emotions, happy, angry, nervous, sad or surprised.

No matter the skin colour or the worst or best look you may have.
One evening can change a face expression and can bring different faces together
because they all love one thing: art

We are different in our own way
but just by saying hey can make someones day,

Start your day with a smile
we love seeing different faces at Stedelijk.

Tags

activiteiten 7 november, 2013

STEDELIJK TALK: Stagiaire Development

Hassina Bahar.

Hassina Bahar.

De afdeling Development zoekt per 1 januari 2014 een nieuwe stagiaire voor hun team, vandaar dat het tijd is om even bij te praten met ervaringsdeskundige Hassina Bahar (25 jaar). Hassina begon in mei van dit jaar als stagiaire.

Hoe ben je bij het Stedelijk Museum terecht gekomen?

Ik ben Hassina Bahar, ik heb in Groningen aan de RuG de Bachelor Kunst, Cultuur en Media gedaan. Daarna ben ik naar Amsterdam gekomen, om de Master Algemene Cultuur Wetenschappen te doen. Via een docent kwam ik bij de afdeling Development van het Stedelijk terecht en daar werd ik hartelijk ontvangen. Er was ook al een andere stagiaire op de afdeling, zij maakte mij op een prettige manier wegwijs door het gebouw en de organisatie.

Wat doet de afdeling Development?

De afdeling richt zich op het verwerven van funding voor het museum bij particulieren, bedrijven en fondsen. Hierdoor worden tentoonstellingen, acquisities, educatieve projecten en publieksprogramma’s mogelijk gemaakt. De afdeling is de verbinding tussen het museum en haar relaties.

Wat doe jij vooral als stagiaire Development?
Ik assisteer specifiek bij de activiteiten rondom de particuliere begunstigers. Particuliere begunstigers zijn personen die het museum financieel steunen. Daarnaast help ik mee met de correspondentie met de relaties van het museum. Ik heb ook geholpen met het aanschrijven van een fonds om bij te dragen aan een tentoonstelling. Daar heb ik heel veel van geleerd en toen deze gehonoreerd werd was ik ook heel trots! Verder ben je als stagiaire Development bezig met het organiseren van evenementen; avonden met sponsoren, lezingen voor vrienden, private previews voor de begunstigers en natuurlijk de feestelijke openingen.

Wat is tot nu toe iets wat aan het begin van je stage nooit had verwacht dat je dat zou kunnen?

Ik wist niet heel goed wat Relatiebeheer precies was. Ik heb ervaren dat relatiebeheer heel belangrijk is om mensen en bedrijven aan het museum te binden.

Wat is tot nu toe de meest bijzondere ervaring voor jou?

Kunstenaar Paulina Olowska gaf een rondleiding door haar eigen tentoonstelling aan de begunstigers. Ik mocht daarbij aanwezig zijn. Dat maakt de stage heel bijzonder. Iets dat ik ook niet snel vergeet is de heidag van de afdeling waar de strategie voor de komende jaren werd bepaald. Dit gebeurde onder begeleiding van consultancybureau McKinsey. Tijdens deze ’ hutje op de hei dag’, kregen wij bijvoorbeeld een inspirerende lezing van Job Ubbens, directeur van veilinghuis Christie’s. Aan het einde van de dag gingen wij varen op de grachten, borrelen en uit eten. Dat maakt je als team ook hechter.

 

Hassina en haar vriend tijdens de opening van de tentoonstelling Kazimir Malevich en de Russische avant-Garde.  Foto: Iris ooms van de Fototmeisjes.

Hassina en haar vriend tijdens de opening van de tentoonstelling Kazimir Malevich en de Russische avant-Garde. Foto: Iris Ooms van de Fotomeisjes.

Ging je al vaker naar het Stedelijk?
Ja, het Stedelijk voelt altijd als een warm bad . Voordat ik hier met mijn stage begon was ik een paar keer naar de Mike Kelly tentoonstelling geweest, ik vond dat een geweldige tentoonstelling. Het was zo overweldigend en een tikkeltje hysterisch, en toch met een kritische noot.

Welke eigenschappen zijn heel belangrijk om te hebben als stagiaire Development?

Je moet veel dingen tegelijkertijd kunnen doen en goed het overzicht kunnen bewaren. Verder moet je beschikken over organisatietalent en stressbestendig zijn. Ook moet je het leuk vinden om als gastvrouw tijdens evenementen aanwezig te zijn en met VIPS en kunstenaars om te gaan.

Raad je deze stage aan?

Ja, absoluut! Ik heb negen maanden lang, vier dagen per week stage gelopen en ik heb iedere dag weer iets nieuws geleerd. Het is echt gaaf om bovenin de badkuip te mogen werken, omringd te zijn met moderne- en hedendaagse kunst en aanwezig te zijn bij grote openingen en exclusieve evenementen. En de collega’s zijn ook heel leuk! Ik kom weleens oud-docenten op onze evenementen tegen en dan zeggen zij: “Wat leuk dat studenten van ons op zo’n mooie plek terecht komen.”

Wil je ook in Hassina’s schoenen staan en zelfs het stokje overnemen? Stuur dan nu je sollicitatiebrief naar s.dijkgraaf@stedelijk.nl Kijk hier voor meer info.

Tags

Global Collaborations 5 november, 2013

Global Collaborations

Begin dit jaar startte het Stedelijk Museum met het project Global Collaborations: een drie jaar durend programma met tentoonstellingen, collectiepresentaties, lezingen, symposia, een speciale Blikopeners, publicaties en een online platform hier in de Journal van het Stedelijk Museum. Met Global Collaborations richt het Stedelijk Museum haar blik op ontwikkelingen in de beeldende kunst wereldwijd, met een speciale focus op opkomende regio’s als Afrika, het Midden-Oosten en Zuidoost-Azië.

Een breder perspectief

Het Stedelijk Museum staat niet alleen in haar ambitie om meer aandacht te besteden aan kunst uit ‘andere’ delen van de wereld. Zo lanceerde het Guggenheim Museum in New York in het voorjaar van 2012 haar ambitieuze UBS MAP Global Art Initiative; een meerjarig project met als doel een netwerk van kunst, kunstenaars en curatoren in andere delen van de wereld in kaart te brengen en te ondersteunen. Ook hier is het verbreden van het traditionele, Westers georiënteerde perspectief op kunst en de kunstgeschiedenis een belangrijke motivatie. In samenwerking met curatoren uit respectievelijk Zuid en Zuidoost Azië, Latijns America en het Midden-Oosten en Noord Afrika organiseert het Guggenheim Museum reizende tentoonstellingen en een uitgebreid educatief programma waarin kunst en cultuur uit deze regio’s bij een breed publiek onder de aandacht worden gebracht. Ook zullen werken uit de tentoonstelling worden aangekocht voor de collectie.

Dichter bij huis, in Londen, ontwikkelt Tate Modern soortgelijke programma’s waarmee meer ruimte wordt gemaakt voor niet-Westerse kunst. In het door het SMBA georganiseerde symposium What is a Postcolonial Exhibition? lichtte directeur Chris Dercon de missie van het museum toe: In ons aankoopbeleid werken wij met zogenaamde adviescommissies die grondig research doen naar de lokale kunstscène en de lokale context. Daarnaast nodigt Tate regelmatig lokale kunstinstellingen en initiatieven uit om in Londen tentoonstellingen te maken, waarmee het een serieuze poging doet om de oude disbalans tussen Westerse en niet-Westerse kunstinstituten te doorbreken.

Dorothy Akpene Amenuke, How Far How Near, 2012. Tentoongesteld in Time, Trade, Travel, SMBA, najaar 2012

Beide voorbeelden – die overigens slechts een kleine greep vormen uit een brede selectie van tentoonstellingen, symposia en publicaties die getuigen van een global turn in de kunstwereld – onderstrepen het belang van een nieuw, meer gelijkwaardig evenwicht tussen Westerse kunst-instellingen en hun omgang met niet-westers kunst.

Om kritisch onderzoek te doen naar de relaties tussen globalisering, hedendaagse kunst en de kunstwereld, startte  het ZKM –Centrum voor Kunst en Media in Karlsruhe, het project Global Art and the Museum. Via verschillende activiteiten onderzoekt het GAM project onder meer hoe een ‘grenzen-loos’ begrip van kunst inspireert tot nieuwe museumpraktijken in het Westen, wat de impact is van een groeiende en verschuivende kunstmarkt, en hoe musea omgaan met de diversiteit van hun publiek.

Global Collaborations

Sinds de jaren ’70 tonen Westerse musea regelmatig kunst en kunstenaars uit andere delen van de wereld. Ook het Stedelijk. Kunst wordt niet langer als een exclusief Westerse aangelegenheid beschouwd. Toch laat het globale kunst perspectief dat blijkbaar moeiteloos door de kunstwereld en de kunstmarkt is omarmt, zich nog niet zo makkelijk integreren in het DNA van de kunstmusea, de collecties. Vaak vanwege simpele argumenten als, ‘dit past niet in onze collectie.’

De zoektocht naar nieuwe perspectieven en nieuwe modellen ligt ook aan de basis van Global Collaborations. Het vraagt om een herpositionering van de eigen collectie en geschiedenis, met de erkenning dat er buiten het westerse kunstcanon een pluriformiteit bestaat aan kunst-ontwikkelingen en geschiedenissen.

Global Collaborations, de titel zegt het al, is gebaseerd op samenwerking en uitwisseling, zowel met individuen als met kunstinstellingen, in verschillende delen van de wereld. De eerste, intensieve samenwerking is met KUNCI in Yogyakarta, Indonesië, met als thema Made in Commons.Deze samenwerking resulteert onder meer in twee tentoonstellingen, een hier in Amsterdam, en een in Yogyakarta, een symposium en een uitgebreide publicatie met essays en kunstenaarsbijdragen in drie talen.

Global Collaborations is een project-in-ontwikkeling dat zich in de komende drie jaar ontvouwt en zich gaandeweg zal manifesteren in het programma van het Stedelijk Museum en het SMBA. Om iedereen te informeren over de voortgang van de samenwerkingsprojecten, achtergronden bij de tentoonstellingen en kunstenaars, en het onderzoek dat in het Stedelijk rondom dit onderwerp wordt gedaan, zullen wij op deze plek, in de Global Collaborations Journal, doorlopend aandacht besteden aan het project. Een klein team van auteurs uit binnen- en buitenland zal regelmatig achtergrondinformatie, interviews, essays, boekrecensies en reportages over activiteiten uit het programma publiceren. Zo ontstaat er gaandeweg een groeiende en rijke verzameling in tekst en beeld.

Meer informatie over
Voor meer informatie over Global Collaborations http://www.stedelijk.nl/global-collaborations

Verslag conferentie What is a Postcolonial Exhibition? http://project1975.smba.nl/en/article/report-symposium-what-is-a-postcolonial-exhibition

activiteiten 2 november, 2013

Cata.Pirata

Cata.Pirata. Foto: Catlynn Vrolijk

Cata.Pirata. Foto: Catlynn Vrolijk

Cata.Pirata dat klinkt ook al heel spacey, omschrijf haar in 4 kernwoorden:

Paradox.Pirate / Feral.Futurist / Post.Apocalypse / Jungle.Baby

Het museum is zaterdag getransformeerd tot Stedelijk Space Station, begrippen als utopia en de toekomst staan centraal. Wat is jouw utopia?

Visies van een toekomstige Utopia (en ook Dystopia) zweven door de liminale ruimtes van mijn brein. Soms vind ik één van de beste manieren om een grip te krijgen op mijn gedachten over de toekomst is door te kijken naar de toekomst door de ogen van het verleden: van oude toekomstvisies van kunststromingen, sociale revoluties, technologische vooruitgang en hoe we die ideeën verder kunnen uitbouwen. Maar het is ook fijn om terug te gaan naar de gedachte van hoe we als kind de toekomst visualiseerden, onschuldig en optimistisch, waar alles mogelijk leek en de beseffing van ‘grenzen’ en socio/politieke/economische ingewikkeldheden nog geen bewuste rol speelden in het fantaseren over de toekomst.

Voor museumnacht heb je samen met muzikant Maximin Lavoo muziek gemaakt geïnspireerd door Malevich. Hoe zijn jullie te werk gegaan?

Speciaal voor Museumnacht heb ik een interactieve audio-visuele installatie ontworpen. Met behulp van Maximin Lavoo (waar ik samen het duo Prehistoric Futuristic mee vorm), heb ik een soundscape gemaakt die de dageraad van een nieuwe toekomst weergeeft middels geluid. Het Zwarte Vierkant van Malevich hebben we als vertrekpunt genomen voor onze audiosafari. Wij hebben een dag in de Redbull Studios met Juno’s en Jupiters (vintage synths) gespaced.

De audio-visuele installatie die te zien zal zijn tijdens Museum N8 (gemaakt met behulp van designer leRyan en producent Nahuel Blaton) en geeft hierbij de bezoeker de mogelijkheid zich in een 3D schilderij van Malevich te wanen en interactief bij te dragen aan een caleidoscopische transformatie.

Hoe belangrijk is kunst voor jou persoonlijk?

Ik ben zelf ook visueel kunstenaar, dus heel belangrijk! Het brengt mij op creatieve ideeën en manieren om met de ‘realiteit’ om te gaan, en geeft mij de mogelijkheid om daar ook af en toe van te ontsnappen, nieuwe toekomstbeelden te ontwerpen en dromen te concretiseren.

Heb jij vaker inspiratie voor je muziek uit werk van kunstenaars gehaald?

Ja en ik word door muziek ook geïnspireerd om beeldende kunst te maken. Het is een mooie wisselwerking. Alles is met elkaar verbonden. It’s like plugging into the matrix.

Malevich staat bekend als een grote revolutionaire kunstenaar, hij verbrak
tradities en ‘dagelijkse patronen’, herken jij jezelf daarin?

Ik ben in ieder geval zelf ontzettend goed in ‘dagelijkse patronen doorbreken’, ik heb er namelijk geen! Elke dag is als het ware een schoon schildersdoek. Meestal ben ik op toer met mijn band SKIP&DIE en word ik elke dag wakker in een nieuw land, met nieuwe ervaring, ideeën en mensen die mij inspireren, en leer ik steeds het leven vannuit en heel nieuw perspectief zien!

Meer Cata.Pirata:
- www.catapirata.withtank.com
- www.twitter.com/CataPirata
Meer Museumn8:
- www.stedelijk.nl/agenda/events/museumnacht-2013–stedelijk-space-station
-www.museumnachtamsterdam.nl

activiteiten 23 oktober, 2013

0,10 tentoonstelling

Kazimir Malevich. Ausstellung 0.10 in Petrograd. 1915. Photo Stedelijk Museum Amsterdam

Op 19 december 1915 werd in Petrograd de grote 0,10 tentoonstelling geopend: ‘The Last Futurist avant-garde’. Daarin presenteerde Kazimir Malevich 39 abstracte kunstwerken. De enige bekende foto van deze installatie laat zien hoe hij de zaal transformeerde tot een suprematistische ruimte. Tijdens deze tentoonstelling werd voor het eerst Zwart Vierkant getoond op een bijzondere plek. Zwart Vierkant werd ophangen op de plek waar traditioneel het belangrijkste heiligenicoon hing in Russisch-orthodoxe huishoudens. Critici hadden hier felle kritiek op, zij vonden deze actie waarmee Malevich de schilderkunst dood verklaarde arrogant. Zwart Vierkant wordt gezien als het meest radicale werk van Malevich.

Tijdens de tentoonstelling ‘Kazimir Malevich en de Russische avant-garde’ is diezelfde hoekmuur uit 1915 gereconstrueerd. Zeven werken (inclusief zijn versie van Zwart Vierkant uit 1929 uit Moskou) die te zien zijn op de enige overgebleven foto van de originele presentatie, maken ook nu onderdeel uit van de tentoonstelling. Bureau grafische vormgeving Mevis & Deursen heeft deze foto eveneens gebruikt als uitgangspunt van hun posterontwerp. Vanaf 19 oktober kun je de tentoonstelling bezoeken; beleef deze bijzondere herinterpretatie zelf en bekijk de hoekmuur met je eigen ogen!

trucklift

Tags

collectie 21 oktober, 2013

Eerbetoon aan indrukwekkend nalatenschap

9789462081031_de_russische_avant_garde_de_khardzhiev_collectie_3dNa jarenlang grondig onderzoek presenteert het Stedelijk Museum Russische avant-garde. De Khardzhiev-collectie in het Stedelijk Museum Amsterdam, de enige echte catalogue raissoné van de unieke Khardzhiev collectie. Dit 552 pagina’s tellende boek van krap 3,5 kilo is een eerbetoon aan de indrukwekkende nalatenschap van de Russische verzamelaar Nikolai Khardzhiev. Hij was vriend en bewonderaar van de moderne kunstenaars van zijn tijd. Khardzhiev verzamelde werk van kunstenaars als Kazimir Malevich, Mikhail Larionov, Olga Rozanova, El Lissitzky, Vasily Chekrygin, Mikhail Matyushin en Vladimir Tatlin. Van deze en vele andere Russische avant-gardisten bracht hij vanaf eind jaren ‘20 een omvangrijke verzameling kunst, manuscripten en andere unieke documenten bijeen. Door bestudering hiervan ontwikkelde de literatuurkenner Khardzhiev zich tot een pionier in het onderzoek naar de kunstenaars van de Russische avant-garde van het begin van de twintigste eeuw.
Sinds 1998 huist deze kunstcollectie in het Stedelijk Museum Amsterdam als langdurige bruikleen van de Stichting Khardzhiev. Geurt Imanse en Frank van Lamoen deden jarenlang onderzoek naar de collectie en lieten elk kunstwerk en document door hun handen gaan om deze zorgvuldig te kunnen documenteren en zo de enorme collectie te kunnen inventariseren. De afdeling papierrestauratie onderzocht elk werk op de verschillende technieken en de gebruikte materialen en ondergronden. Een groot deel van de werken werden voorzien van een nieuwe datering en tot op het laatste moment werd werk toegeschreven aan tot dan toe onbekende, nieuwe Russische kunstenaars.
0029_2013_10_15_SMA_Catalogus_Malevich_foto_Ernst_van_Deursen_800Met ruim 700 kunstwerken, waaronder schilderijen, werken op papier, gouaches, aquarellen, omslagontwerpen van futuristische boeken, schetsen en studies, biedt deze publicatie een nagenoeg compleet overzicht van Khardzhievs uitzonderlijke kunstverzameling. De werken zijn op kunstenaar ingedeeld, die elk worden geïntroduceerd met een korte biografie, waarin zijn werk en zijn relatie tot Khardzhiev besproken wordt. In de essays beschrijven onder meer de auteurs Elena Basner, Michael Meylac en Sergey Sigey de veelbewogen geschiedenis van de collectie en de eigenzinnige figuur van Nikolai Khardzhiev.

Elvie Casteleijn is afgestudeerd Master Museumconservator en is werkzaam op de afdeling Publicaties van het Stedelijk Museum. Ze leverde bijdragen aan meerdere Stedelijk publicaties en coördineerde het project van de Khardzhiev catalogus.

Tags

collectie 21 oktober, 2013

Uitgangspunten Malevich’ suprematisme opnieuw gevisualiseerd

13-00969-7 NL Cover Malevich en de Russische avant-garde.jpg 322460_1_1265 afbeeldingen, 12 inleidende teksten geschreven door Malevich kenner Linda S. Boersma en een essay van vooraanstaand kunsthistorica Aleksandra Shatskikh. De publicatie Kazimir Malevich en de Russische avant-garde, met een selectie uit de Khardzhiev- en Costakiscollecties geeft de lezer een beeld van de artistieke ontwikkeling van Malevich, zijn relatie met tijdgenoten en de historische context die zo belangrijk is in het werk van de kunstenaar.
Het boek neemt de lezer mee in de ontwikkeling van Malevich en zijn collega kunstenaars van de Russische avant-garde. Vanaf het moment van zijn vroege werk dat dateert uit het begin van de twintigste eeuw via zijn beroemde abstracte werken waaronder Zwart Vierkant naar zijn late figuratieve werk. Het essay van Shatskikh gaat niet alleen over de artistieke kwaliteiten van de kunstenaar maar benadrukt een aantal andere belangrijke kanten van Malevich. Hij was naast kunstenaar namelijk ook een begenadigd leermeester, filosoof en artistiek leider van de door hem in het leven geroepen kunststroming: het Suprematisme.
Gelijk aan de tentoonstelling volgt het boek de chronologie, maar ook twee belangrijke peilers: de Khardzhiev- en Costakiscollecties. Deze twee collecties zijn bepalend geweest in deze tentoonstelling en voor het boek. Zij vormen de rode draad tussen verschillende kunstenaars en topstukken van de Russische avant-garde en haar kunstenaars. De Khardzhiev Collectie is bovendien voor het Stedelijk Museum een gekoesterde langdurige bruikleen van de Stichting Khardzhiev aan het museum.
Veel mensen refereren aan de catalogus die het Stedelijk in 1989 uitbracht. Met goede herinneringen denkt men terug aan de overzichtstentoonstelling van Malevich die het Stedelijk toen organiseerde. Er zullen er ook velen zijn die deze tentoonstelling niet hebben meegemaakt. Uit het ontwerp van Mevis en van Deursen blijkt dat deze historische kunstwerken ons nog steeds veel vertellen. Het boek heeft hierdoor een hedendaagse uitstraling gekregen en biedt naast een uitgebreid naslagwerk ook een fris ontwerp dat de uitgangspunten van het Suprematisme vanuit onze tijd opnieuw visualiseert.

Menno Dudok van Heel studeerde Cultureel Erfgoed en Kunstgeschiedenis in Amsterdam. Hij werkt op de afdeling publicaties van het Stedelijk Museum en schrijft regelmatig over tentoonstellingen en de museumcollectie.

De catalogus is in het Stedelijk te verkrijgen (paperback, €25 en hardcover, €39,80). Gelijktijdig met deze tentoonstelling verschijnt ook overzichtscatalogus van de Khardzhiev-collectie.

Tags

collectie 15 oktober, 2013

Collectiewisseling: De Stijl en haar navolgers

Deze week werd in twee zalen van het Stedelijk Museum een nieuwe opstelling ingericht met werken van kunstenaars die gerelateerd worden aan De Stijl. De nieuwe opstelling vervangt de zaal met suprematistische werken van Malevich en Lissitzky die vanaf 19 oktober te zien zullen zijn in de tentoonstelling Kazimir Malevich and the Russian Avant-garde. Naast De Stijl-kunstenaars van het eerste uur, zoals Piet Mondriaan, Bart van der Leck en Georges Vantongerloo is ook werk te zien van een jongere generatie waaronder César Domela, Marlow Moss en Nicolaas Warb. Net als de radicale Malevich werkten de kunstenaars van De Stijl aan een moderne samenleving, die zij met een nieuwe abstracte vormentaal zouden kunnen bereiken. De zalen zijn dan ook een mooie aanvulling op de tentoonstelling.

20131010_084847

De Stijl, een van oorsprong Nederlandse kunstbeweging die werd opgericht in 1917, speelde een centrale rol in de internationale avant-garde en is vandaag de dag nog steeds een belangrijke inspiratiebron voor veel kunstenaars, vormgevers en architecten. De groep rond Piet Mondriaan en Theo van Doesburg streefde naar een synthese tussen kunst en leven. De ideale samenleving die zij voorstonden vroeg om een nieuwe abstracte vormentaal. Deze nieuwe kunst, die aanvankelijk vooral gebaseerd was op Mondriaans kunsttheorie van het neoplasticisme, inspireerde vanaf de jaren dertig een nieuwe generatie kunstenaars. Terwijl Mondriaan er meer dan twintig jaar over had gedaan om tot een geheel abstracte taal te komen, konden deze jonge kunstenaars binnen enkele jaren van het academische naakt en het impressionistische landschap overstappen naar een compositie van lijnen en kleurvlakken. Zij namen de werkwijze van hun voorgangers dan ook wel als uitgangspunt, maar gaven hier vervolgens een zeer eigen invulling aan. Zo introduceerde de Britse kunstenaar Marlow Moss de dubbele lijn in haar abstracte composities. Dit betekende een revolutionaire stap in de ontwikkeling van het neoplasticisme en werd al snel door andere schilders overgenomen.

20131010_120148 (2)

20131010_083536

Marlow Moss was niet alleen op artistiek gebied vooruitstrevend. Om als vrouw een plaats te hebben in een door mannen gedomineerde kunstwereld gebruikte zij een pseudoniem. Haar echte naam was Marjorie Jewell. Moss was één van de trouwste volgelingen van Mondriaan. Zij ontmoette haar leermeester in 1929 in Parijs en nam diens sobere vormentaal en kleurgebruik over. De belangstelling voor elkaars werk was wederzijds en tot aan de Tweede Wereldoorlog bleven zij elkaar inspireren. Ook de Nederlandse kunstenares Sophie Elisabeth (Fine) Warburg, alias Nicolaas Warb, gebruikte een pseudoniem om door de kunstcritici serieus genomen te worden. Zij nam de achternaam van haar man Francis Nicolas aan als haar voornaam en voegde daar een a aan toe om het Nederlands te laten klinken. Tevens verkortte zij haar achternaam tot Warb om ten tijde van de Tweede Wereldoorlog de Duitse connotatie te vermijden. Het vroege werk van Nicolaas Warb toont duidelijk de invloed van Georges Vantongerloo. In de opstelling wordt het werk van beide kunstenaars tegenover elkaar geplaatst, waardoor de overeenkomsten duidelijk zichtbaar worden.

20131015_113231 (2)

Op enkele uitzonderingen na wordt in de kunstgeschiedenis het modernisme door mannen gedomineerd en is het belang van veel vrouwelijke kunstenaars in de vergetelheid geraakt. Met het tonen van het werk van deze twee vrouwelijke kunstenaars hopen we hun belang voor de ontwikkeling van het modernisme te onderstrepen en de gevestigde kunsthistorische canon een beetje te herzien.

*Alle foto’s zijn door Masha van Vliet gemaakt.

De nieuwe opstelling zal vanaf 11 oktober 2013 te zien zijn in de zalen 0.5 en 0.9.

Masha van Vliet is conservator in opleiding fotografie bij het Stedelijk Museum Amsterdam. Samen met conservator beeldende kunst Bart Rutten bedacht zij de inrichting van de twee zalen over De Stijl en haar navolgers.

Tags

achter de schermen 8 oktober, 2013

Lieve blog

Vanaf deze maand zullen verschillende Blikopeners iedere maand iets posten, in de vorm van tekst, geluid of beeld. Hierdoor kan iedereen een kijkje nemen door de bril van een Blikopener.  De allereerste is Gaby Reiman (18 jaar), zij schreef een gedicht!

Lieve Blog,

Blikopeners

Of tewel entertainers.

2014 het jaar van het 5 jarige bestaan,

het jaar dat mensen gaan voldaan zonder traan.

En dan ik mij lieve mensen,

Zou ik mijn uiterste best doen voor jullie wensen.

Met deze multiculturele groep vormen wij 1 team,

Zo veel verschillen met tot stand komen van 1 idee unaniem.

Zullen wij met het Stedelijk museum,

een geweldige dag hebben het Jubileum.

- Blikopener 392-

Ps. Everyone wants to be right , but no one stops to consider if their idea of right is right.

achter de schermen verslag 4 oktober, 2013

Blikopener: het ideale bijbaantje

Wanneer ik terugkijk naar mijn bijbaantjes vallen die niet in de categorie ‘geweldig’. Ik had hele leuke collega’s en verdiende prima maar ik deed niet iets waar ik later ook full time mee bezig wilde zijn. Oké, op 15-jarige leeftijd had ik ook nog geen concreet idee van mijn ultieme droombaan. Daarvoor vond ik ook  te veel dingen tegelijk leuk en was ik te jong. Sommige leeftijdsgenoten hadden hun carrière al uitgestippeld, maar ik wist nog niet waar ik mijn voetafdrukken wilde.

Nu ik ouder ben, meer inhoud heb in het rugtasje dat leven heet en meer weet wat mij aantrekt of juist afschrikt, ben ik veel kieskeuriger als het over bijbaantjes gaat. Ik wil plezier hebben in wat ik doe, er goed in zijn of mijzelf er juist in ontwikkelen. Salaris is ook van belang, maar ik verdien liever minder geld bij een werkgever waar ik enthousiast van raak en die dicht bij mij staat, dan dat ik iedere dag met een dosis tegenzin mijn bed uit ga en de minuten achter het bureau aftel.

Een mooi voorbeeld van dat ideale bijbaantje is Blikopener zijn. Sinds 2008 is deze groep jonge ambassadeurs actief in het museum. Zij geven rondleidingen, bedenken workshops en organiseren evenementen. Allemaal met een ‘Blikopener randje’: speels, fris, gedurfd en net iets anders dan normaal. Tijdens mijn tijd hier in het museum vielen zij mij al op. Zij stralen een bepaalde onbevangenheid uit maar zijn ook kritisch. Een groep jongeren van 15 tot en met 19 jaar met een bijbaan in het Stedelijk. Deze groep moet kunst voor jongeren levendig, modern en aantrekkelijk maken.


De nieuwe groep Blikopeners 2013-2014 samen met coördinator Dorine van Kampen en stagiaire Emma Waslander. Foto: Maartje Strijbis

Dorine van Kampen en Emma Waslander begeleiden de jonge ambassadeurs. Dorine is al vier jaar actief met de Blikopeners, ze kwam als stagiaire het Stedelijk versterken maar is niet meer weggegaan. Emma is haar stagiaire, oftewel haar rechterhand. Zij vormen een goed team en vullen elkaar aan waar nodig is. Beiden vertellen vol trots over hun Blikopeners. De groep inspireert en geeft hen energie. Dorine vertelt enthousiast “Weet je wat een Blikopener net tegen mij zei? Simpel is niet altijd makkelijk, ingewikkeld is niet altijd gecompliceerd.” Voor Emma is de diversiteit het meest bijzonder: “De Blikopeners komen uit verschillende achtergronden. Een ieder heeft zijn eigen verhaal en bagage maar dat maakt een perfecte match.”

Afgelopen zaterdag ging ik een middag met een paar Blikopeners in gesprek. Ondertussen zat een deel van de nieuwe groep te brainstormen hoe zij Blikopeners presenteren via sociale media en liep de rest het museum te verkennen. Dat de Blikopeners allerlei visies en ideeën hebben wordt mij ook duidelijk. De nieuwe groep die in september is begonnen, komt een voor een bij mij aan tafel schuiven. De één is verlegen, wacht iedere vraag af en de ander maakt grapjes en geeft uitgebreid antwoord. De één is met kunst opgegroeid, de ander is nauwelijks in musea geweest. Maar allemaal creatief en in bezit van een bepaalde verwachting en missie die zij willen waarmaken in het museum. Gemotiveerde soldaatjes, klaar om te strijden.


Blikopeners aan het brainstormen. Foto: Maartje Strijbis

Voor nieuwkomer Lateesha Verwey (16 jaar) is het een verrassing dat zij zoveel verantwoordelijkheid krijgt. “Wij mogen zoveel organiseren en gewoon doen.” Blikopener Gaby Reiman (18 jaar)  vindt dat alles tegenwoordig wordt voorgeschoteld, dat er weinig ruimte is voor een eigen visie. Als Blikopener wil zij daarin verandering inbrengen.  “De Blikopeners zijn multicultureel, wij hebben allemaal verschillende ideeën maar wij werken samen zodat iets moois kan ontstaan. Wij kunnen een voorbeeld zijn.”

Jeroen Bos (16 jaar) en  Aimée Lafargue (16 jaar) vinden dat ook één van de leukste pluspunten, dat je als Blikopener veel nieuwe contacten maakt met leeftijdsgenoten van verschillende Amsterdamse scholen. Jeroen kan niet wachten om rondleidingen te geven en Aimée hoopt vooral meer te weten komen over verschillende kunstenaars. Collega Luca Spadaro (18 jaar) kan niet wachten om zijn ideeën uit te werken. “Elk individu moet zelf weten wat hij belangrijk vindt, maar door kunst kan ik mijn gedachten de vrije loop laten. Voor mij is kunst ontspanning.” Hij wil laten zien dat kunst ook leip kan zijn, niet suf of saai. Daphne Vermeulen (16 jaar)  is net zo gemotiveerd: “Wij zijn een deel van het museum dat anders is dan normaal en wij hebben een ander denkperspectief.”


Blikopeners op pad door het museum. Foto: Maartje Strijbis

Een Blikopener is gedreven en jong, maar ook volwassen. Je bent een deel van het museum, dus je bent een stukje van het grote geheel. Daar verwonderen zij zich over, maar zij nemen die taak ook serieus. Als ik nog vijftien was, solliciteerde ik voor Blikopener: een niet alledaags baantje dat in de categorie ‘geweldig’ valt. Daar waar de beleving van het jonge brein telt en wordt uitgebreid.

Blikopeners is een initiatief dat gerealiseerd is in 2008, gebaseerd op het educatieprogramma Youth Insights van het Whitney Museum in New York

Blijf op de hoogte van de Blikopeners:
www.twitter.com/blikopeners
www.facebook.com/blikopeners

Restauratie werken op papier Malevich

In de tentoonstelling Kazimir Malevich en de Russische avant-garde dienen werken op papier als een belangrijke illustratie van Malevich’ eigenzinnige artistieke ontwikkeling. Recent onderzoek, waarin het Stedelijk Museum een belangrijke rol heeft gespeeld, heeft het inzicht gebracht dat juist in Malevich’ tekeningen zijn artistieke queeste zichtbaar is. Nooit eerder zijn zoveel werken op papier bijeen gebracht; de basis hiervoor wordt gelegd door de Khardzhiev-collectie die in beheer is bij het Stedelijk Museum. De restauratoren papier geven een exclusief kijkje in hun atelier, waar de werken zorgvuldig worden voorbereid voor de tentoonstelling. Malevich heeft verschillende media gebruikt voor zijn tekeningen waaronder gouache. Gouaches zijn bijzonder kwestsbaar en indien noodzakelijk zijn de gouaches gerestaureerd voor deze tentoonstelling.

Read More »

Tags

Stedelijk at Trouw in 2013

In het najaar van 2013 organiseert het Stedelijk Museum Amsterdam drie kortlopende tentoonstellingen met film en video buiten het museum. Locatie daarvoor is TrouwAmsterdam. De unieke tentoonstellingen, bestaande uit bijzondere werken en uitgebreide openingsprogramma’s, is samengesteld door Hendrik Folkerts, Bart Rutten en Zippora Elders van het Stedelijk in samenwerking met Kim Tuin en het team van TrouwAmsterdam. TrouwAmsterdam biedt prachtige ruimtes en is een inspirerende samenwerkingspartner.

Contemporary Art Club

Vorig jaar organiseerden Stedelijk en TrouwAmsterdam een serie gezamenlijke avonden. Deze avonden bestonden uit presentaties met hedendaagse kunst in TrouwAmsterdam. TrouwAmsterdam is een nachtclub, restaurant en cultureel platform gevestigd in voormalige krantendrukkerij aan de Wibautstraat in Amsterdam Oost. Het culturele programma is zeer uitgebreid en wordt vaak in samenwerking georganiseerd met verschillende instellingen in de stad zoals het Concertgebouw en EYE Filminstituut. Vaak wordt dan inhoudelijk en/of formeel verbinding gezocht met de rauwe, industriële sfeer van het unieke gebouw. Maar vooral staat TrouwAmsterdam, nationaal en internationaal, bij menige liefhebber van elektronische muziek bekend als een innovatieve club met een niet te missen programmering. Dit jaar wordt ook de samenwerking met het Stedelijk Museum voortgezet onder de noemer Stedelijk at Trouw: Contemporary Art Club, bestaande uit drie tentoonstellingen van 14 dagen.

Nachtmuseum

Vanaf dit jaar is Stedelijk at Trouw ook onderdeel van het Nachtmuseum. Met het Nachtmuseum wil TrouwAmsterdam haar bezoekers op een frisse manier in contact brengen met kunst. ‘Het idee is dat het Nachtmuseum alle componenten binnen Trouw – muziek, eten, kunst - met elkaar verbindt. We maken een stad in een stad waarbij je het gebouw niet meer uit hoeft. Je vindt alles op één plek: je kan er vernieuwende kunst ontdekken, lekker eten in ons groenterestaurant, een lezing bijwonen of dansen tot ver in de vroege uren. Deze dynamiek geeft de bezoeker de vrijheid zich thuis te voelen, zich te laten inspireren en onderdeel te worden van Trouw,’ aldus Olaf Boswijk (mede-eigenaar TrouwAmsterdam).

Drie edities tentoonstellingen

De betekenis van dans vormt het centrale thema van de eerste tentoonstelling, Part 1: MOTION. In de geselecteerde werken wordt de relatie tussen dans en identiteit onderzocht, bijvoorbeeld rond gender, subculturen en persoonlijke ontwikkeling. De kunstenaars tonen verschillende perspectieven op deze onderwerpen, meer en minder kritisch, waarbij ze reflecteren op beweging en lichaam. In alle werken komt een spanning tussen bedoelde en onbedoelde verleiding naar voren. Gevangen in het oog van de camera zijn de protagonisten van de werken zowel sterk als kwetsbaar.

De combinatie van werken maakt duidelijk hoe dans voor veel dingen kan staan. Voor een jonge Tracey Emin betekent dans de verwerking van een traumatische ervaring. Jimmy Robert laat zien hoe schijnbaar spontante dansbewegingen in een club – net als taal – geconstrueerd en gelimiteerd zijn. Geïnspireerd door de populaire videoclip imiteert Cheryl Donegan op provocerende wijze de klassieke rockster en bevraagt zij de spanning tussen de actieve en passieve rol van de protagonist in video.  Jeremy Shaw tenslotte isoleert en centraliseert de prachtige maar ondergewaardeerde voguing-bewegingen van de transgender vogue-danser Leiomy Maldonado.

Het thema van deel drie is nog in ontwikkeling, deel twee gaat over stadscultuur.

Opening Part 1: MOTION

Op donderdagavond 5 september vond de opening van de eerste editie plaats. De avond stond geheel in het teken van MOTION: beweging en dans. De avond was erg populair; de club stond helemaal vol met bezoekers van diverse leeftijdsgroepen. Na een welkomstwoord door Hendrik volgde een key-note lezing van Tim Lawrence. De internationale dansexpert, overdag hoogleraar Culturele Studies aan de University of East London, begon in 2003 met het geven van ‘Loft’ feesten in Londen zoals ze in de jaren zeventig en tachtig in New York werden georganiseerd. Omdat Tim Lawrence zelf door onvoorziene omstandigheden afwezig was, werd zijn lezing voorgedragen door de Britse onderzoeker Cedric Bardawil. Hierin kwam naar voren hoe vogue en de rauwe ballroom scene zich eind jaren zeventig heeft ontwikkeld in de wijk Harlem van New York. Omdat de vogue-dans grote populariteit geniet op YouTube, liet Zippora fragmenten zien rond belangrijke momenten in de geschiedenis van vogue. Bekijk ze hier nogmaals:

Een fragment uit de filmdocumentaire Paris is Burning (Jennie Livingstone, 1990) waardoor voguing bredere aandacht kreeg. In het fragment spreekt en danst de ‘moeder’ van het beroemde ‘House of Ninja’. Je kunt zien hoezeer vogue om subcultuur, attitude en battles gaat. http://youtu.be/pWuzfIeTFAQ?t=29m29s

In 2009 kreeg vogue nieuwe aandacht door de deelname van de dansgroep Vogue Evolution aan de televisieshow America’s Best Dance Crew. http://youtu.be/YXS0cVxyMuI?t=1m

In het werk Variation FQ (2012) van Jeremy Shaw staat de vogue-danser Leiomy Maldonado centraal. Haar bewegingen zijn volledig geïsoleerd van de rumoerige context waarin de vogue-dans gewoonlijk wordt uitgevoerd. In deze fragmenten zie je een top 10 van haar battleshttp://youtu.be/Mn7vFs3D0Bo en http://youtu.be/Mn7vFs3D0Bo?t=8m9s

Tenslotte volgt een fragment van de beroemde stop-motion animatie Pas de Deux (Norman McLaren, 1968) waarin balletdansers een klassieke pas-de-deux uitvoeren. In Variation FQ verwijst Jeremy Shaw zichtbaar naar dit werk, waarbij hij voor veel zwarte ‘negatieve’ ruimte en step-and-repeat effects kiest en een zelfgecomponeerde atmosferische geluidtrack toevoegt. Daarnaast draait Shaw de HD-geschoten film op 16mm voor een monumentale presentatie. Op deze manier plaatst hij de vogue-danser, die vooral met marginale afro-amerikaanse, zwarte en LGBT gemeenschappen in verband staat, op hetzelfde voetstuk als de klassieke balletdanser. http://youtu.be/H-uwuH_Qix4?t=5m5s

Stedelijk at Trouw

Aansluitend op de presentaties volgde bovenop de trap in de clubzaal een gesprek tussen kunstenaar Jimmy Robert en Bart over het werk Vocabulary (2011). Jimmy Robert observeerde de dansbewegingen op technomuziek van clubbezoekers. In zijn videoperformance imiteert hij de bewegingen en catalogiseert ze, met behulp van zelfbedachte labels als whatever, the father en modernist, van kleinere tot grote bewegingen. Uiteindelijk wordt duidelijk dat ook de schijnbaar spontane dansbeweging gelimiteerd wordt door sociale afspraken. In die zin is de handeling net als taal onderdeel van een betekenissysteem gebaseerd op conventies, en dus ‘vocabulair’.

Tijdens het gesprek op de trap werd de dansvloer vrijgemaakt voor het Nederlands Dans Theater en de indrukwekkende dansperformance Sara. Sara is de nieuwste creatie van de Israëlische makers Sharon Eyal en Gai Behar en is special voor NDT2 gecomponeerd. NDT2 is een kleine groep van getalenteerde dansers tussen de 17 en 22 jaar. De bijzondere choreografie reflecteert op herinnering, dromen, emoties, inspiratie, eenzaamheid, leed, zorgen en delen, kortom: het leven.

Na de dansperformance volgde een prachtige muziekperformance van muziektrio Mike Koldin, die eerder dit jaar aan het Public Program in het museum deelnamen. Het trio bestaat uit Keimpe Koldijk, Michiel Klein, and Wouter Venema. Koldijk en Klein verkregen bekendheid in bands als Eklin, Adept en Bonne Aparte. Voor Mike Koldin gingen ze een samenwerking aan met de kunstenaar Venema uit Rotterdam. Dit avantgarde trio ondersteunde hun ambient muziek met beelden die ze ter plekke, geïnspireerd door kunst en omgeving, genereerden.

De avond werd clubwaardig afgesloten door het experimentele duo Emptyset. Emptyset is een samenwerking van James Ginzburg en Paul Purgas, muziekproducers met wortels in zowel de club- als kunstwerelden van Bristol en Londen. Zij onderzoeken de relatie tussen noise en muziek, ruimte en geluid, analoge media en architectuur en brachten dit samen in een overweldigende audiovisuele performance. Lees hier meer: http://thequietus.com/articles/10528-emptyset-interview-medium-collapsed.

Na het openingsprogramma konden bezoekers nog tot 02:00 genieten van de tentoonstelling en lekker dansen op de afsluitende set van Trouw resident Cinnaman.

Blikopeners op zondag

Tijdens de tentoonstellingen organiseren de Blikopeners onder begeleiding van Emma Waslander van het Stedelijk één middag met eigen programma en rondleidingen. De Blikopeners zijn jongeren tussen de 15 en 19 jaar met een bijbaan op de afdeling Educatie van het Stedelijk. Het Blikopenersprogramma voor de eerste tentoonstelling, op zondag 8 september, vormde een spectaculaire start. Geïnspireerd door Variation FQ, het werk van Jeremy Shaw over Vogue danser Leiomy Maldonado, gingen de Blikopeners op zoek naar vogue in Nederland. Tijdens de zondagmiddag danste de groep The Imperial Armpits, met  ArtEZ-alumni Semna Segal en Diederik Kreike, waren er ijsjes van MELT Icepops! en kon de bezoeker zelf een heuse vogue fotoshoot krijgen bij Chloe Leenheer!

Stedelijk at Trouw

Editie 1, Motion, is dagelijks van 17:30 tot 02:00 te bezoeken tot en met 14 september. Editie 2 opent op 31 oktober en editie 3 op 28 november. De Blikopeners organiseren iedere editie een middagprogramma. Toegang tot de tentoonstelling is gratis en voor het openingsevenement kun je voor slechts €10 een kaartje via www.trouwamsterdam.nl kopen.

Foto’s openingsavond: Ernst van Deursen

Stedelijk at Trouw

Tags

achter de schermen activiteiten 13 augustus, 2013

De performers van Aernout Mik – ‘Communitas’

Sinds de opening van de Aernout Mik tentoonstelling ‘Communitas’ bestaat er een grote kans om in de kelder in pakken gestoken personen tegen het lijf te lopen. Hoewel deze personen het uiterlijk hebben van een suppoost, handelen ze geheel afwijkend. Men treft ze waarschijnlijk aan terwijl ze wat rondhangen op en rond de stoelen in een kleine ruimte binnen de tentoonstelling.

Met een groep van ruim zeventig vrijwillige performers is dit live-element gedurende de hele tentoonstelling toegevoegd aan het werk ‘Tongues and Assistants’, dat speciaal gemaakt werd voor deze tentoonstelling. De inrichting van ‘Communitas’ verwart en Aernout Mik poogde met performers deze verwarring van het scherm te trekken en in de werkelijke ruimte te plaatsen.

De ervaring leert dat deze suppoost-performer de bezoeker zeker beïnvloedt en vervreemdt, ook al wordt de performer niet altijd als dusdanig herkend. De zeventig vrijwilligers merkten dat de bezoekers hen aanzien voor een film, standbeeld of reflectie in een spiegel. Soms is de aanwezigheid alleen al intimiderend en blijft men buiten de ruimte staan, terwijl anderen duidelijk meer moeite hebben met de onduidelijkheid en onder het mompelen van ‘onzin’ weigerden de ruimte nog te bezoeken.

Niet alleen de bezoeker wordt beïnvloed door het live-element, ook de performers zelf ervaren hun rol in dit werk op een bijzondere manier. Naast het feit dat je als performer deel neemt aan een kunstwerk, wordt de kans geboden om een museumbezoek op een hele nieuwe manier te bekijken. De groep ontdekte kijk- en beleefpatronen, door zelf buiten die patronen te gaan staan.

Een kleine greep uit quotes vergaard door de performers:

“Ik zit in de extra ruimte, weer met mijn krantje. Er staat een wat ouder stel voor me in de grotere ruimte. ‘Man: Goh, ze maken die sculpturen heel levensecht tegenwoordig. Vrouw: ach nee, volgens mij is ze gewoon echt. Kijk. Ze ademt toch?’ Ik haal even mijn hand door mij haar. Vrouw: oh gut, kijk. Ze zit aan haar haar, kijk maar. Ik zei het toch. Man: misschien kan ze gewoon in twee posities zitten.’ Ik kijk de man nu recht aan. Hij lijkt te schrikken en het stel loopt wat verdwaasd weg.”

 “Vanmiddag lag Carmen bevallig op de grond in de achterste ruimte. Het riep veel reactie op. Ik werd aangestoten: mevrouw, kijk daar, gaat het wel goed met haar? Geruststellend knikje. Ehm, hoort ze er misschien bij? Weglopend tegen zijn compaan: die twee dames met kinderwagens horen er ook bij denk je niet en ik zag er wel meer hier.”

“Gisteren 12 tot 4. Een bezoeker spreekt mij aan op mijn gedrag als suppoost: “Nou, zo wil ik ook wel mijn geld verdienen. U gedraagt zich onprofessioneel door zo tegen de muur te hangen”. Na mijn reactie, dat wij ‘deel uit maken van de ruimte’, zei ze wel tien keer sorry. (..) De meeste mensen vinden het toch een beetje eng.”

De performers maakten daarnaast zelf foto’s van hun rol en van de rol van de bezoekers. Hieronder een kort beeldverslag.

Aernout Mik – Communitas loopt nog tot zondag 25 augustus.

Foto’s en quotes door Nynke Vissia, Jose Henneman, Tamar Berends, Anita Markx, Maria Carballo, Camila Michelini, Marlijn Franken, Linda van Bronckhorst, Ivonne Wiering, Hanne Verwoert, Hedwig Wösten, Richard de Langen, Marie Louise Terwindt, Johanneke Bronkhorst, Marloes Vermijs en Lotte van Geijn.

Tags

verslag 8 juli, 2013

REINVENTING THE MUSEUM IN BUENOS AIRES

Wat zijn innovatieve manieren om nieuw publiek aan te trekken en te binden? En wat voor soort creatief management past hier bij? Van 4 tot 11 juni kregen zo’n 90 museumexperts uit Argentinië, Brazilië, Mexico én Nederland in Buenos Aires de kans om een kritische dialoog te starten en zo vernieuwing teweeg te brengen. Maken de zes uitverkoren Nederlandse musea de belofte van lichtend voorbeeld waar?

Dream a little dream… and do it!
“Change is neccessary”, aldus Américo Castilla, president van initiatiefnemende organisatie TyPA wanneer hij spreekt over het Argentijnse cultuurlandschap. Dringend doch charmant, wijst Castilla op de kortzichtige handelswijze  van Zuid-Amerikaanse museumdirecteuren die naar zijn smaak te vaak genoegen nemen met “het tellen van het vee”. Met enkel bezoekershoofden turven bereik je hun harten niet betoogt, hij. Hoe dan wel? Volgens Castilla is dit niet alleen een opgave voor “een paar cultuureducatiemeisjes”.  Gegniffel in de zaal. Tip van Castilla: “laat je de komende dagen niet overdonderen door buitenlandse voorbeelden. Wacht niet op geld of de politiek. Neem risico, maak je droom desnoods een tikje kleiner, maar… do it!”

Kunst of ik schiet
Opvallend goed is een presentatie van het Museum of Modern Art (MAMM) uit Medellin. Decennialang schrokken zelfs de stoerste Colombiaanse bikkels ervoor terug deze drugsstad met 2,5 miljoen inwoners te bezoeken. Steevast voerde Medellin de wereldranglijst van ‘moordsteden’ aan. Op indrukwekkende wijze ondernam de stad actie. Dankzij de innovatieve inzet van een kabelbaan als publiek transportmiddel, én flinke investeringen in cultuur is de voormalige afvoerput nu leefbaar en een stuk populairder geworden. Directeur Maria Mercedes González legt uit hoe zij in een oud fabrieksgebouw een levendig museum voor moderne kunst runt met prikkelende outreach projecten: want: “my museum wants to be the most popular neighbour of the hood.”

 

Lisa Kleeven, Marthe de Vet en Anat Harel in gesprek met het publiek.

Lisa Kleeven, Marthe de Vet en Anat Harel in gesprek met het publiek.

Korte groepssessies tussen de lezingen door.

Korte groepssessies tussen de lezingen door.  

Aansprekende Nederlandse voorbeelden
Bijzonder hoe je aan de andere kant van de wereld ineens met een mengeling van interesse en trots naar de Nederlandse experts luistert. Ook het Latijns Amerikaanse publiek is duidelijk geboeid en stelt veel vragen. Een samenvatting van strategieën en soundbytes:

EYE Film Instituut Nederland -  Sandra den Hamer, directeur: “EYE is een instelling voor moderne en hedendaagse kunst, speciaal gericht op film, omdat film de meest aantrekkelijke vorm van moderne kunst is.” … “Eye brengt verschillende organisaties samen onder 1 dak waar in de altijd gratis toegankelijke Basement bezoekers kunnen duiken in de rijke filmcollectie van Eye.”

Tropenmuseum Junior – Marielle Pals, directeur Tropenmuseum Junior: “Ik zie het museum als een open space, een contactzone, sowieso in sociale zin, maar ook als plek voor emotionele, zintuiglijke, zelfs fysieke ervaringen. Bij de ingang van onze tentoonstelling MixMax Brasil trekken bezoekers Havaiana-slippers aan. Vanaf dat moment stappen zij letterlijk en figuurlijk, van top tot teen, in een andere cultuur.”

Joods Historisch Museum – Anat Harel, medewerker kennisontwikkeling:  “joodsmonument.nl  bracht – soms onbedoeld – mensen decennia later weer bij elkaar” … ”Open Joodse Huizen ondersteunt mensen die zelf een herdenking organiseren in hun eigen huis waar ooit gedeporteerde Joden woonden.“

Foam – Lisa Kleeven, hoofd educatie: “Foam is geen museum, het is een merk waar het museum onder valt. Net zoals West Side Stories, een fotografieproject in Nieuw West.”

Van Gogh Museum – Marthe de Vet, hoofd educatie: “Hoe kunnen we de jonge toeristen na een rondvaartbootrit nog vlak voor het blowen in een uurtje inspireren?” …”in de huidige collectieopstelling proberen wij Van Goghs Atelier praktijk letterlijk voelbaar te maken door voelpanelen op zaal aan te brengen”.

 

Vlak voor mijn lezing: een succes What'sapp van een paar educatie medewerkers.

Vlak voor mijn lezing: een succes What’sapp van een paar educatie medewerkers.

Hoe vindt het Stedelijk zichzelf opnieuw uit?
Hoe ga je in gesprek met een publiek dat zich niet direct comfortabel voelt bij moderne en hedendaagse kunst? En dat terwijl je museum negen jaar lang ‘under construction’ is? Deze vragen vormden het vertrekpunt van mijn lezing. Juist deze periode zonder muren was een soort ‘museumrehab’:  gedwongen afkicken van de luxe van een gebouw en het tonen van collectie dwong tot flexibiliteit en reflectie. Wie zijn wij en hoe willen wij met onze bezoekers omgaan? Het Stedelijk ontwikkelde in deze proeftuin een visie en strategie om met bezoekers in dialoog te gaan én te blijven. Van de rondreizende Bouwkeet tot het huidige Familielab, veel voorbeelden passeren hierbij de revue. Het Stedelijk doet daarbij altijd moeite de echte vragen van bezoekers niet over te slaan, maar te beluisteren, aan te sluiten en nieuwsgierigheid verder te stimuleren.

Blikopeners – de jaarlijkse groep van 15 peer educators die in het Stedelijk werken – fungeren hierbij als een soort rolmodel: dankzij deze ambassadeurs leert het museum van binnenuit over zichzelf. Tijdens een skypegesprek met de zaal vragen de Zuid-Amerikaanse collega’s een aantal Blikopeners dan ook het hemd van het lijf. Tussen de lezingen door komen voortdurend deelnemers naar mij toe. Soms met vragen over mijn theoretische uitgangspunten, soms over specifieke programma’s, maar vaak met praktische hobbels die zij zien en waarvan zij zich afvragen hoe mijn afdeling die neemt.

 

Links: Janwillem Schrofer & Maria Mercedes González in duo presentatie. Rechts: Pitchen voor een vrijdagavond in het Van Gogh Museum.


Workshops cultureel leiderschap
Bij welke ‘windrichting’ in leiderschap voel jij je thuis? Dit is de aftrap van twee dagen intensieve workshops over leiderschap aan culturele instellingen. Opvallend dat veel Nederlanders zichzelf zien als ‘visionair’. ‘Proces’ en ‘gevoel’ voeren hier kennelijk minder de boventoon. Te snel vragen naar het ‘hoe, wat, wie, waarom’ ervaren zij soms zelfs als ‘irritant’. Want; zij zien de stip op de horizon en weten dat het goed komt. Tijdens cases gericht op hospitality, events, marketing en development presenteren wisselende teams uit alle windhoeken elkaar hun gecombineerde inzichten. Dan blijkt dat je die Hollandse visionairs er best goed bij kunt hebben. Nederlanders willen vooruit – op een zeker moment is het klaar met flexibiliteit en het blindstaren op mogelijke obstakels. Graag doorbreken zij een impasse (‘unfreezing’ zo leer ik), geven een snelle samenvatting en vragen naar het vervolg of doen zelf al een voorstel. In rap tempo volgen bijzondere presentaties, soms met grappige of sprankelende ideeën en oplossingen, van het adopteren van een fossiel tot het projecteren van films op Hollandse koeien in Argentinië. Internationale samenwerking kan krachtig aanslaan.

 

Links: Uitzicht op ‘slum’ vanuit hedendaags kunstcentrum Proa . Rechts: Een houten bank in Malba.


Internationale samenwerking… we might continue this tango!
Dankzij Janwillem Schrofer (oud-directeur Rijksakademie en stille kracht achter deze internationale uitwisseling), TyPA en de Nederlandse ambassade die het initiatief steunde, kregen niet alleen de Argentijnen licht en lucht. Ook de Nederlanders haalden even een flinke teug adem om hun volgende strategische verleidingspassen in het Nederlandse cultuurgeweld te zetten.  En niet alleen tijdens de congresdagen of museumbezoeken aan moderne kunstmusea Malba (geweldige bank in de hal die gebouw, kunst en publiek verbindt) en Proa (overzicht van Argentijnse hedendaagse kunst en Outreach programma’s). Juist in een tangoclub, na angstige momenten in de ‘slums’ en nadat wij door Argentijnse obers in diepe ernst worden toegezongen gaat het bruisen. Wij fantaseren er lustig op los hoe wij deze inspirerende internationale uitwisseling kunnen vasthouden en zelfs stimuleren. Groeit hier een model om alle Nederlandse museummedewerkers met ambitie, vastgevroren in het cultuurmoeras, wendbaar en fris te houden?  Een zomerstage in Colombia? Argentijnen voor even aan het roer in Nederland? Just a little dream… we might do it!


Meer informatie?
Alle lezingen komen (hetzij Spaans nagesynchroniseerd) online: www.typa.org.ar

Tags

collectie verslag 12 juni, 2013

Walter Nikkels

Depicted, Abgebildet, Afgebeeld.  Amsterdam Valiz, 2013. 527 p.

Ruim 10 jaar, van 1993 tot 2004, was grafisch vormgever Walter Nikkels verantwoordelijk voor het merendeel van de vormgeving van het Stedelijk Museum.  Dat behelsde boeken en tentoonstellingscatalogi, maar ook uitnodigingen, een enkel affiche en inrichtingen van zalen zoals bij de reeks Poëzie in het Stedelijk. Daar waar hij niet zelf de vormgeving verzorgde, adviseerde hij bij de keuze van een andere grafisch vormgever.  Dit alles tijdens het directoraat van Rudi Fuchs, met wie hij tussen 1975 en 1987 in Eindhoven, toen Fuchs daar directeur was van het Van Abbemuseum,  al talloze publicaties – waaronder veel kunstenaarsboeken – had vorm gegeven.

In het recent verschenen boek  Walter Nikkels: Depicted, Abgebildet, Afgebeeld, is Nikkels gehele oeuvre vanaf 1964 tot 2011 in beeld gebracht.  Dat dit meer behelst dan de periode Stedelijk  blijkt al direct als het boek in handen wordt genomen; het is dik en vol, heel erg vol, ook doordat alle tekst in drie talen is opgenomen: Nederlands, Duits en Engels. Het vergt weliswaar enige moeite om de structuur van het boek te doorgronden, omdat het soms horizontaal, soms verticaal moet worden gelezen, maar die structuur is er wel degelijk. In een schier eindeloze kolom is jaar na jaar al zijn werk in kaart gebracht en veel daarvan is ook afgebeeld. Nikkels productiviteit spat als het ware van de pagina’s, net als zijn veelzijdigheid. Hij verzorgde niet alleen honderden boeken en catalogi, maar was ook vormgever van postzegels,  grote tentoonstellingen als Documenta 7 (1982) en Bilderstreit (1989) en architect van de nieuw- en verbouw van Museum Kurhaus Kleve.

Niet voor niets ontving hij in 1981 de H.N. Werkmanprijs voor grafisch ontwerpen voor zijn gehele oeuvre.

Nikkels is een echte ‘kunstenaars-vormgever’; hij verdiept zich altijd grondig in het werk van een kunstenaar voordat hij een keuze voor een bepaald ontwerp maakt. Dat heeft in veel gevallen geleid tot intensieve en langdurige vriendschappen, waarvan die met de Duitse kunstenaar Lothar Baumgarten misschien het beste voorbeeld is. Samen verzorgden zij vele publicaties en presentaties waarbij het werk van de één soms slechts met moeite valt te onderscheiden van dat van de ander.

Naast zijn praktijk schreef Nikkels ook vele artikelen over  grafische vormgeving en sprak hij in interviews over zijn ervaringen uit zijn tijd als hoogleraar ‘Entwurf, Buchkunst und Schriftentwickling’ van 1986 tot 2005 aan de Kunstakademie in Düsseldorf. Al deze artikelen zijn opgenomen in het boek, net als die van andere auteurs over zijn werk en de interviews door Wigger Bierma (jarenlang assistent van Nikkels en vormgever van dit boek) en Wouter Davidts.

Op 22 september vindt  een presentatie van het boek plaats in de aula van het Stedelijk Museum. Meer informatie over deze bijeenkomst zal tegen die tijd te vinden zijn op www.stedelijk.nl.

Suzanna Héman is assistent-conservator prenten, tekeningen en kunstenaarsboeken

Het boek is te koop in de museumwinkel

Tags