Journal
Geen categorie 27 augustus, 2015

Spatialities: graven in het verleden van het Stedelijk

In deze gastblog presenteren studenten van de Technische Universiteit in Eindhoven het onderzoek dat ze in samenwerking met het Joods Historisch Museum Amsterdam hebben gedaan naar het leven van couturier Max Heijmans. De nadruk binnen het onderzoek lag op het ruimtelijke aspect van zijn biografie: de architectuur. Zij analyseerden hiervoor een serie gebouwen en de invloed die deze hebben gehad op de levensloop van de ontwerper. Op basis van plattegronden, ruimtelijke modellen, maquettes, essays en analyses hebben zij een ‘ruimtelijke’ biografie van Heijmans geconstrueerd. 

Max Heijmans is een Joodse couturier die voor de tweede wereldoorlog geboren werd en zich tijdens deze oorlog in Amsterdam schuilhield(1). Hij moest zich echter niet alleen vanwege zijn afkomst maar ook vanwege zijn seksuele voorkeur schuilhouden want Heijmans viel op mannen. Na de oorlog bewerkstelligde Max Heijmans definitief zijn succes. Max Heijmans heeft in 1955 onder Willem Sandberg voor het eerst in het Stedelijk kledij getoond in een expositie. In 1965 heeft de iconische foto van Max Heijmans voor de trap van het Stedelijk in de Telegraaf gestaan en in 1969 en 1983 heeft Heijmans modeshows in het Stedelijk gegeven onder Edy de Wilde (2).

 

IMG_8171B

Onderdeel van het onderzoek was het maken van een 1:33 model. Dat kwam er voor het Stedelijk Museum op neer dat er een maquette van 1,7m, bij 0,7m bij 1,2m gemaakt werd. Deze monsterlijk grote maquette beslaat enkel het middendeel met de voormalige ingang, trappenhuis en het voormalig restaurant (met de Karel Appel muurschildering). De maquette werd gebruikt om de ruimtelijkheid te onderzoeken en een verhaal te vertellen over de aanwezigheid van Heijmans.

 

Boven is de foto uit De Telegraaf van 1965 te zien3. Onder zien we een foto uit de maquette waar het fototoestel op de voorgrond hier een stille getuige van vormt. Op de achtergrond zie je de trap.

Boven is de foto uit De Telegraaf van 1965 te zien(3). Onder zien we een foto uit de maquette waar het fototoestel op de voorgrond hier een stille getuige van vormt. Op de achtergrond zie je de trap.

2015-07-20 18.45.38B

Om een goed beeld van het Stedelijk Museum in die tijd te vormen hebben we onder begeleiding van Michiel Nijhoff in de archieven van het Stedelijk Museum gegraven en zo nauwkeurig als de informatie het toeliet, een ruimtelijk beeld geschapen van het museum rond 1970. Met enkel plattegronden uit verschillende jaren kun je geen coherent geheel scheppen (de collectie tekeningen was incompleet) maar daar hebben we toch een poging toe gedaan. Het is voor ons prachtig om ruimtes te onderzoeken die nu niet meer in het museum te bekennen zijn. Het voormalig restaurant, de prentenkabinetten, bibliotheek, marmottenhuis en Sandbergvleugel: wat een bont en gevarieerd geheel moet het zijn geweest!

 

ooral het middendeel van de gevel aan de Paulus Potterstraat, het stuk gevel dat in bovenstaande maquette te zien is, is rijk geornamenteerd. De symmetrie in de gevel springt duidelijk naar voren.

Vooral het middendeel van de gevel aan de Paulus Potterstraat, het stuk gevel dat in bovenstaande maquette te zien is, is rijk geornamenteerd. De symmetrie in de gevel springt duidelijk naar voren.

Als we kijken naar de architectuur van het oude deel van het Stedelijk Museum, het monumentale klassieke deel ontworpen door A.W. Weissmann, dan zien we dat het gebouw een zekere grandeur uitstraalt. Het gebouw bevat een sterk aangezette symmetrieas die vanuit de Paulus Potterstraat te bemerken valt. Deze symmetrieas is sterk aangezet door het verhoogde, naar voren gezette middenstuk, de klokkentoren en de dakkap en loopt verticaal omhoog vanaf de voormalige ingang. De as loopt vanaf de ingang door het gebouw, en regelt de ordening van het gebouw doordat belangrijke elementen als de trap, de ingang, het restaurant en de erezaal op deze symmetrieas zijn geplaatst. Deze monumentale as met zijn ornamentatie (zowel binnen als buiten) geeft het oude deel van het museum zijn grandeur. Uiteraard is de architectuur van de Sandbergvleugel minder imposant en gaat deze meer uit van functionaliteit.

 

 Hier is een plattegrond te zien met in het rood de symmetrieas.Rechtsboven zie je de Sandbergvleugel die later is toegevoegd en de symmetrie als het ware uit evenwicht brengt. Het blauw omcirkelde is het deel dat wij ruimtelijk hebben uitgewerkt in onze maquette.


Hier is een plattegrond te zien met in het rood de symmetrieas. Rechtsboven zie je de Sandbergvleugel die later is toegevoegd en de symmetrie als het ware uit evenwicht brengt. Het blauw omcirkelde is het deel dat wij ruimtelijk hebben uitgewerkt in onze maquette.

 

Dit is een reconstructie van het restaurant ten tijde van de modeshow, mogelijk dankzij John Koijmans. Op de achtergrond is de Appel-wandschildering te zien. Door middel van palmbomen en gouden stoeltjes maakte Heijmans zich de grandeur van het museum eigen voor zijn show. De stoel rechts onderin symboliseert Heijmans die altijd de finishing touch aanbracht vlak voordat zijn modellen de zaal inkwamen. Max bleef dan ook altijd achter de schermen en daarmee symboliseert de eenzame stoel ook zijn sociale voorkomen: afgezonderd. Hij kwam vaak niet eens een hand geven4.

Dit is een reconstructie van het restaurant ten tijde van de modeshow, mogelijk dankzij John Koijmans, een vriend van Max Heijmans die hem vele jaren bij zijn shows heeft geholpen. Op de achtergrond is de Appel-wandschildering te zien. Door middel van palmbomen en gouden stoeltjes maakte Heijmans zich de grandeur van het museum eigen voor zijn show. De stoel rechts onderin symboliseert Heijmans die altijd de finishing touch aanbracht vlak voordat zijn modellen de zaal inkwamen. Max bleef dan ook altijd achter de schermen en daarmee symboliseert de eenzame stoel ook zijn sociale voorkomen: afgezonderd. Hij kwam vaak niet eens een hand geven (4).

Dit is een reconstructie van het restaurant ten tijde van de modeshow, mogelijk dankzij John Koijmans. Op de achtergrond is de Appel-wandschildering te zien. Door middel van palmbomen en gouden stoeltjes maakte Heijmans zich de grandeur van het museum eigen voor zijn show. De stoel rechts onderin symboliseert Heijmans die altijd de finishing touch aanbracht vlak voordat zijn modellen de zaal inkwamen. Max bleef dan ook altijd achter de schermen en daarmee symboliseert de eenzame stoel ook zijn sociale voorkomen: afgezonderd. Hij kwam vaak niet eens een hand geven (4).

Als we vervolgens kijken naar de ruimtes die Max Heijmans in het museum gebruikte, zien we dat zowel zijn shows als zijn foto’s plaats hebben in het oude deel, op de monumentale symmetrieas. Heijmans plaatst zichzelf en zijn modellen zelfs symmetrisch ten opzichte van de trap! De klassieke, Chanel-lievende Heijmans erkent de architectuur en gebruikt deze zelfs als podium om zijn mode te tonen. Hierbij gaat hij volledig voorbij aan de moderne, functionalistische architectuur die de Sandbergvleugel zo typeert. Zijn liefde voor klassieke mode vol van grandeur lijkt zich te verzoenen met de klassieke architectuur van grandeur.
Deze wisselwerking tussen mode en architectuur is niet enkel in zijn gedrag maar ook in schetsen van hem te bekennen: we zien op een van zijn schetsen een model met op de achtergrond zijn bekende gouden stoelen, maar ook een schilderij. Bij het ontwerp van zijn kleding schetst hij tevens de bijbehorende setting van de kleren: de architectuur.
Maar het Stedelijk Museum is veel meer dan enkel zijn architectuur: zeker in de tijd van Sandberg en De Wilde genoot het museum internationaal faam met zijn avant-gardistische kunst en houding. Heijmans vertelt de krant dat hij vereerd is te mogen komen en vermeldt trots dat De Wilde zijn werk als kunst beschouwt(5). Hier komen we bij een belangrijke bijdrage van het Stedelijk als instelling aan de levensloop van Heijmans: de couturier wordt een kunstenaar!

Tenslotte concluderen we dat het contrast tussen de klassieke Chanel-stijl van Heijmans en zijn vooruitstrevende gedrag in zijn ‘anders zijn’ en in zijn extravagantie opmerkelijk is. Toch zien we wellicht eenzelfde dualiteit in het Stedelijk Museum als instelling, die continu hangt tussen de high-art en de nieuwe experimentele kunst, tussen de neo-renaissance van het klassieke gebouw en de moderniteit van de Sandbergvleugel en de nieuwe extensie ‘de badkuip’, tussen intussen klassieke werken (Mondriaan) en de avant-gardistische kunstenaars uit het heden. Misschien is dit niet zozeer een dualiteit als wel een synergie, een combinatie van eigenschappen die leidt tot prachtige dingen. Zodoende het succes van Heijmans. Zodoende het succes van het Stedelijk.

 

2015-07-20 18.48.08

De maquette zal tot september te zien zijn op de Technische Universiteit in Eindhoven, wellicht daarna in het JHM en vervolgens hopen wij dat hij in het Stedelijk zelf zijn plaats mag vinden!

Het onderzoek omtrent het Stedelijk Museum is uitgevoerd als onderdeel van ‘Spatial Biographies’ door Margit van Schaik en Jesper Baltussen. Daan Jenniskens en Leon Schuurink hebben bij het maken van de maquette geassisteerd.

De opdracht ‘Spatial Biographies’ werd gegeven voor het vak Architectural Analysis aan de Technische Universiteit Eindhoven onder Dipl.-Ing. Hüsnü Yegenoglu, ir. Jochem Groenland, ir. Wouter Hilhorst en Saskia van Hees. Naast het Stedelijk Museum zijn gebouwen als het Hotel American, de Bijenkorf, Hirsch & Cie en anderen bekeken in relatie tot Heijmans of Premsela.

BIBLIOGRAFIE
1. Heijmans, M. (1966). Knal. Amsterdam: Born n.v.
2. We hebben dit kunnen concluderen na intensief onderzoek via Delpher: Delpher Kranten – gezocht op stedelijk museum Max Heijmans. (n.d.). Retrieved March 2015, from delpher.nl
3. de Telegraaf. (1965, November 6). Mijn mode alleen voor de vrouw met allure. de Telegraaf, p. 27.
4. Koijmans, J. (2015, april 15). (J. Baltussen, & M. van Schaik, Interviewers)
5. de Telegraaf. (1969, February 4). Max in het Museum. de Telegraaf, p. 2.

Tags

Geef een reactie